Ik heb het vast vaker gezegd en zeker vaker gevoeld… dat heerlijke gevoel wanneer je uit een veel te koud geairconditioned vliegtuig stapt, nog gewoon via een trappetje naar beneden moet lopen en dan die warme vochtige lucht die als een warme deken om je heen valt en tegen je lijkt te zeggen ‘welkom in de tropen!’… onbetaalbaar!
Elk gebied heeft zo zijn eigen ‘lucht’. Toen we in Curaçao even het vliegveld af konden en ik naar buiten stapte was het eerste wat ik dacht ‘ja… terug in de caribbean!’ Hier in Suriname dacht ik toen ik uit het vliegtuig stapte als eerste: ‘Brazilië’. Niet gek natuurlijk aangezien Suriname aan Brazilië grenst en het amazonegebied deelt…
Later werd dit nog iets ruimer. Toen ik door Paramaribo liep rook ik Latijns Amerika. Hoe omschrijf je een geur bedacht ik me toen… Latijns Amerika ruikt voor mij naar warmte, hoge luchtvochtigheid, rottend fruit en brandend afval… het zal de meesten niks zeggen en voor de meesten ook zeker niet heel aantrekkelijk klinken, maar voor mij is het terug zijn in Latijns Amerika!
Suriname is tot nu toe heerlijk. Veel van mijn vooroordelen zijn even keihard ontkracht: de Surinamers (zelfs de medewerkers op het vliegveld toen ik moeilijk liep te doen over mijn visum!) zijn ontzettend vriendelijk en gastvrij en tot mijn grote verbazing zijn Surinamers over het algemeen ontzettend pro-Nederland! Je zou toch verwachten dat ze na jaren van onderdrukking goed klaar met ons zouden zijn… met dat gevoel kwam ik dus aan (ok, het helpt niet echt dat ik net uit Aruba kom waar de Arubanen wel vaak iets tegen Nederlanders hebben) en dan is het wel heel mooi om te zien hoe vriendelijk, beleefd en niet overdreven opdringerig de Surinamers zijn.
Inmiddels heb ik heerlijk de toerist uitgehangen in Paramaribo: een mooie, maar wel verwaarloosde stad met veel prachtige koloniale gebouwen waarvan dus zeker de helft hard aan een opknapbeurt toe is.
Ik heb zelfs het museum bezocht wat veel interessante informatie gaf over de plantages & slavernij, de Nederlandse invloeden, etc. Grappig detail: ik heb of ‘ik ben Nederlander’ op mijn voorhoofd staan of er komen hier alleen maar Nederlandse toeristen want overal word ik in het Nederlands aangesproken en vrijwel alle toeristische info (ook alles in het museum) is alleen in het Nederlands…
Ongeveer 80% van de bevolking woont in Paramaribo, maar toch is het geen hele grote stad (nu wonen er ook maar ca. een half miljoen mensen in Suriname dus dat verklaart een hoop…). Daarbuiten heb je nog een aantal kleine dorpjes, een paar wegen en het zuiden is verder met name bijna onbegaanbaar regenwoud waar je alleen met vliegtuigjes kunt komen… Maar zo mooi! Alleen al de namen: gisteren ben ik even in Groningen geweest en vandaag reden we door Onverdacht en Onverwacht… Ik moet dan toch even denken aan hoe zo’n dorp zou zijn ontstaan: veel dorpen zijn ontstaan doordat slaven van de plantages het regenwoud in vluchtten en daar een nieuw leven startten. Ik zie dan dus zo’n jonge zwarte slaaf voor me die even langs de rivier zit uit te rusten na zijn vlucht van de plantage, om zich heen kijkt en denkt ‘ja, hier blijf ik. Hier sticht ik mijn dorp en in noem het Onverdacht… dan vinden ze me nooit!!’
Vanmiddag reden we door naar de Colakreek en ja, als je daarin zwemt, je armen uitstrekt en naar het water op je armen kijkt dan heeft het echt de kleur van cola… Marvin moest even laten zien hoe het water volgens hem ook echt drinkbaar was maar daar vond ik het dan toch weer iets te bruin voor!
Ook de verschillende lokale keukens (‘surinaams eten bestaat niet’) laat ik me goed smaken en de lokale biertjes maken dit uiteraard perfect af…
Morgen weer verder het binnenland in dus ik ben benieuwd! Het is in ieder geval heerlijk om weer even cultuur op te snuiven na bijna 2 maanden cultuurloos Aruba….
Gearchiveerd onder: Suriname
eindelijk weer even tijd om je mooie verhalen te lezen! gelukkig kunnen we binnenkort weer live bijkletsen!
Gerechtigheid, noemen ze dat!!